Dieren rond de kerststal

Dieren rond de kerststal
En de rol van Franciscus van Assisi

Door Peter Klaver, dierenarts

In onze Kerststal vinden we allerlei dieren, de os en de ezel, de schapen en ook kamelen. Hoe komen deze dieren nu bij de Kerststal terecht en wat zegt de bijbel daarover. Was deze ongebruikelijke kraamvisite er toevallig of zit er een verhaal achter? In dit Dierenkerstverhaal gaan we op zoek in het ¨boek der boeken¨ en andere bronnen. Ook modernere versies proberen we ter sprake te brengen.

Het Kerstfeest is diep geworteld is in onze westerse cultuur. Al voor het Christendom werden vergelijkbare feesten gevierd rondom de Middellandse Zee, maar ook in onze ¨Lage Landen¨ was voor de Germanen het ¨Zonnewendefeest¨ een hoogtepunt in de donkere dagen.

Met Kerstmis vieren we de geboorte van het Jezus, maar het exacte jaar waarin hij geboren werd, is niet precies bekend. Over het seizoen of dag hebben we geen precieze informatie.

In de bijbel zijn er vier evangelies die wel iets over zeggen wanneer dit ongeveer plaats gevonden moet hebben: de volkstelling die gehouden werd onder de Joden ten tijde van Keizer Augustus, de kindermoord van koning Herodes, Quirinius was landvoogd in Palestina. Op deze manier is het tijdstip te berekenen.

De geboorte van Jezus word door de Christenen en de kerk pas in de vierde eeuw na Christus gevierd, ongeveer drie honderd jaar na zijn overlijden. De kerk van Rome koos in 386 na Christus daarom 25 december als de geboortedag van Christus. In het gebied rond de Middellandse Zee was dit de geboortedag van de onoverwinnelijke zonnegod Mithras, die ook door de Romeinen werd vereerd. Dit sloot naadloos aan op de al heersende gewoonten.

In Noord-Europa was de dag van de winterzonnewende, waarmee het weer gaan lengen der dagen werd gevierd. De kerk viert als het ware dat Christus, ¨het licht der wereld¨ de heidense zonnegod verdrijft.

De Oost-Europese kerken herdenken de geboorte van Christus op 6 januari. Deze datum kennen wij als ¨Drie Koningen¨ of de Drie wijzen uit het Oosten, die met kamelen naar de stal kwamen. Deze staan traditioneel bij de Kerststal afgebeeld.

Het begin van de Kerststal

De oorspong van de Kerststal met zijn dieren is precies bekend. Franciscus van Assisi, de invloedrijke monnik uit Noord-Italië en stichter van de Franciskaner orde, krijgt de opdracht om het Kerstfeest dat jaar op een andere manier te vieren. Franciscus was een enorme dierenliefhebber en volgens de overleveringen kon hij met ¨de dieren des velds¨ spreken. Toen hij deze kans kreeg, stelde in 1223 in de kerk van Greccio in de Kerststal een groot aantal dieren op rond de kribbe. De gelovigen moesten in het begin wel even wennen aan deze nieuwe kijk op de geboorte van het kindje, maar tot de dag van vandaag heeft de Kerststal van Franciscus model gestaan voor de volgende 800 jaar. Deze monnik staat ook aan de basis van werelddierendag, die we op vier oktober vieren, de gedenkdag van Franciscus.

Dieren om de Kerststal

In het bijbelverhaal van Lucas (2:4-14) wordt ons uitgelegd dat er geen plaats was voor Maria en haar verloofde in de herberg, hoewel zij hoogzwanger was. Daarom werd de pasgeborene gewikkeld in doeken in de kribbe gelegd. De kribbe is de voerplaats, de trog voor de boerderijdieren. Daaruit kan de conclusie worden getrokken dat Jezus tusen de dieren, in de stal ter wereld kwam.

Schapen en herders

¨En in hun nabijheid waren de herders met hem schapen in het veld¨. Dat Franciscus de schapen en lammeren bij zijn Kerstal plaatste, is met het bijbelverhaal voor de hand liggend. Deze schapen zijn vetstaartschapen, die als huisdier werden gehouden. Waarschijnlijk zijn dit afstammelingen van de wilde schapen, die voorkwamen in Palestina en de omringende landen. Schapen waren zeer waardevolle dieren in de bijbel. Het leverde vlees, wol en melk, maar werden ook veelvuldig als offerdier gebruikt. Jezus wordt later vaak vergeleken met een schaapsherder, die zijn kudde leidt. De schapen symboliseren ¨het volk Gods¨ en Jezus is de ¨Herder¨ die over zijn volk Gods zal hoeden. De meest bekende parabel is die van het verloren lam.

¨En Jezus sprak deze gelijkenis tot hen en zeide:
Wie van u, die honderd schapen heeft en er een van verliest, laat niet de negenennegentig in de wildernis achter en gaat de verlorene zoeken, totdat hij het vindt?
En als hij het vindt, tilt hij het met blijdschap op zijn schouders, en thuisgekomen roept hij zijn vrienden en buren bijeen en zegt tot hen:
Verblijdt u met mij, want ik heb mijn schaap gevonden, dat verloren was. Ik zeg u, dat er meer blijdschap zal zijn in de hemel over een zondaar, die zich bekeert, meer dan over negenennegentig rechtvaardigen, die geen bekering nodig hebben.¨ (Lukas 15: 3-7)

Os, Ezel en de kribbe

De Os en de Ezel had Jozef waarschijnlijk op zijn reis bij zich voor het transport van Maria, die hoogzwanger was, en de bagage en voedsel. Het jonge paar was onderweg van Nazereth naar Bethlehem ter wille van de volkstelling, toen het kind Jezus geboren werd geboren. De ezel was een zeer veel gebruikt last en rijdier, die vooral in bergachtige streken beter voldeed dan een paard. Tijdens zijn intocht in Jeruzalem (vlak voor zijn ter kruisiging) wordt Jezus als een koning binnengehaald op een ezel.

Dat Franciscus de os en de ezel in zijn Kerststal plaatste, komt waarschijnlijk door de verwijzing in het oude testament ¨Een rund kent zijn eigenaar en een ezel de krib van de meester, maar Israël (het Joodse volk) heeft geen begrip. (Jesaja 1:3)

De Os is het huisrund, de koe, zoals die werd gehouden in het bijbelse Israël, de bij de kribbe symboliseert het Jodendom, de Ezel zijn de ¨Heidenen¨, de niet-joden. Hiermee wordt aangegeven dat Jezus voor beiden groepen op aarde is gekomen. ¨De os en de ezel verwarmen de kribbe met hun adem, maar eten het hooi niet¨ (Habakuk).

In veel oudere afbeeldingen is de kribbe niet afgebeeld als voederruif, maar als ¨sarcofaag¨, als graftombe zoals die gebruikt werd in Egypte, door de Romeinen en Joden uit die tijd. Dit om duidelijk te maken dat Jezus is gekomen op aarde om te lijden en te sterven.

De Kameel

Hiermee wordt als regel de dromedaris of ¨eenbulter¨ bedoeld. Dit zijn de woestijndieren bij uitstek. Ze zijn jarenlang van onschatbare waarde geweest voor reizen de woestijn en kunnen lange tochten maken, waarbij probleemloos een weekje drinken kan worden overgeslagen. De dromedaris kan 25 % van zijn lichaamsgewicht aan water verliezen zonder in de problemen te raken. Een mens legt bij 12 % het loodje.

Op basis van deze kennis heeft Franciscus van Assisi de wijzen uit het oosten met het standaard-woestijnvervoermid- del uit die tijd, de dromedaris, laten komen, wel zo praktisch. Ook reisden de drie wijzen in de meest gunstige tijd van het jaar voor het klimaat, in de winter. De bijbel geeft geen aanknopingspunt voor de dromedaris, het schip der woestijn, dat op weinig water vaart. Maar aan het bezit van eem dromedaris kon wel een redelijke status worden ontleent.De drie wijzen uit het Oosten kwamen Jezus aanbidden en brachten hem vorstelijke geschenken, Mirr', Wierook en de Goud.

Cultuur en Kerststallen

De kerststallen zijn in alle delen van de wereld anders, afhankelijk van de plaatselijke culturen en gebruiken. Zo zien we bij de kerststallen van de Indianen in Noord-Amerika geen os, maar een bizon de kribbe verwarmen bij de kerststal en bij de Tibettanen verschijnt er plotseling een yak. Ook het type en kleur schapen verschillen sterk per streek en cultuur. In Eskimoland, waar schapen en kamelen al helemaal niet voorkomen, zien we dat creatieve missionarissen de lokale wilde dieren van stal halen als toeschouwers van het Kindeke Jezus op te treden, zoals een poolvos en een zeehond. De kribbe wordt daar uitgehakt uit een ijsblok om de moeilijke omstandigheden te symboliseren waaronder de geboorte heeft plaatsgevonden. De stal is vervangen door de iglo en de het verhaal is weer toegankelijk gemaakt voor dit deel van de wereldbevolking. Met het gebruik van dieren rond de kerststal krijgt dit mysterie van het christelijke geloof, de geboorte van de zoon God, opeens een menselijk gezicht. Het wordt teruggebracht tot iets wat wij kunnen begrijpen.

Zelfs bij het grootste feest in de Kerst en misschien in onze westerse cultuur spelen dieren een hartverwarmende rol en wordt duidelijk dat onze beschaving sterk vervlochten is met domesticatie en het houden van dieren met alle symboliek erbij.